Home arrow Dossiers arrow Info Bulletin arrow Verstedelijking langs snelwegen.
woensdag, 8 september 2010
 
Verstedelijking langs snelwegen. PDF Afdrukken E-mail
Dossiers - Info Bulletin
Geschreven door Jan Dirk van Arkel   
zondag, 31 januari 2010
Door het Ruimtelijk Planbureau (www.rpb.nl) is een studie verricht en gepubliceerd: “Bloeiende bermen, verstedelijking langs de snelweg”, te bestellen bij de boekhandel of NAi Boekverkopers, ISBN 9056624768.

De studie inventariseert de feitelijke ontwikkelingen rond de snelwegen en geeft een beeld van de functies en sectoren die de snelweglocaties de afgelopen jaren hebben opgezocht. De toenemende verstedelijking langs de snelwegen die de onderzoekers constateren is grotendeels tot stand gekomen door lokale plannen!!

Enkele conclusies uit het rapport:

Veel gebieden langs de Nederlandse snelwegen zijn de afgelopen jaren in hoog tempo volgebouwd. Deze snelweglocaties ontwikkelen zich tot gewilde vestigingslocaties voor bedrijventerreinen (Ekkersrijt), maar ook voor woonwijken (Sonniuswijk, Meerhoven) en sportterreinen (golf). Tegelijkertijd bestaat hierover landelijk veel onvrede.

De snelwegzone slibt dicht, verrommelt en samenhang tussen bebouwing ontbreekt.Het wordt daarom tijd – aldus het onderzoeksrapport – dat de overheid duidelijke keuzen maakt waar verstedelijking langs de snelweg kan worden versterkt en waar open panorama’s moeten worden behouden.Zo kan volgens Dorpsbelang de Sonniusheide als open landschappelijk gebied behouden blijven.Schoorvoetend wordt op rijksniveau aandacht besteed aan de snelweg als vestigingsplaats, maar de ruimtelijke effecten kunnen niet langer worden genegeerd. De snelweglocaties zouden dan ook een vanzelfsprekend onderdeel moeten worden van het nationaal ruimtelijk beleid, zo menen de onderzoekers. De studie beoogt het beleid hiervoor handvatten te bieden.

A50 omgeving.
De snelwegomgeving manifesteert zich de laatste jaren, vooral in de overgangsgebieden tussen stad (Eindhoven) en land (Oud Meer, Sonniusheide) als populaire vestigingsplaats voor wonen, werken en recreëren. De locaties zijn goed bereikbaar, goed zichtbaar èn er is ruimte!

Grondgebruik.
Zo is in de periode 1993-2000 het grondgebruik voor bedrijven en woningen in de snelweggebieden sterker gegroeid dan daarbuiten, met name in de overgangszone tussen stedelijk en landelijk gebied. Ook groeit het aantal mensen dat binnen de snelwegzone werkt harder dan daarbuiten. Stijgt in Nederland het aantal werknemers in de periode 1996-2004 met 19%, binnen de snelwegbuffer is dat groeipercentage 23 procent. In vergelijking met het overige gebied is in de snelwegzone relatief veel ruimte in gebruik voor bedrijvigheid en iets minder voor wonen en recreëren. Het zijn vooral bedrijven in de distributiesector en de zakelijke dienstverlening die zich langs de snelwegen vestigen.

Verschillende “snelweg”locaties.

De onderzoekers laten in de studie zien dat er binnen de snelwegzones verschillende belangrijkste locaties zijn. Voor Eindhoven is dat bijvoorbeeld de “Be-A2 locatie”, omgeving Beatrixkanaal tussen Eindhoven en Veldhoven.Er worden afslagen, zichtlocaties en knooppunten onderscheiden die elk hun eigen relaties met de snelweg hebben en andersoortige ontwikkelingen aantrekken. Daarmee verschillen ook de eisen ten aanzien van de ruimtelijke invulling. Op zichtlocaties wordt bijvoorbeeld relatief weinig gewoond en juist veel gewerkt en gerecreëerd (zoals langs de noordzijde van de A58 met (waterski)plas Ekkersweijer en Ekkersrijt, als bedrijventerrein). Bij veel afslagen ( zie de A2, west van Eindhoven) vinden we bedrijventerreinen die, vooral in het landelijk gebied, een flinke impact hebben op de ruimte. Knooppunten liggen op strategische locaties en zijn, vooral in verstedelijkte gebieden, in trek als vestigingsplaats voor woningen, bedrijven, kantoren en winkels.(Brainport).

Keuze maken voor snelweglocaties.

Om dichtslibbing te voorkomen stellen de onderzoekers dat duidelijke keuzes moeten worden gemaakt ten aanzien van bebouwing van de snelwegzones. Natuurlijk is deze keuze afhankelijk van het gebied. Zo zal in het landelijk gebied, tussen Son en St.Oedenrode nadrukkelijker moeten worden gekozen voor het behoud van open (“Brabantse) panorama’s. In het stedelijk gebied daarentegen mag de snelwegzone op sommige plekken meer allure krijgen, bijvoorbeeld door de dichtheid op te voeren, en gebouwen nadrukkelijker richting snelweg te presenteren, zie ook de noordzijde van de A58. Zo zouden bedrijven en showrooms in een geluidswand kunnen worden geïntegreerd die het achterliggende gebied beschermt tegen lawaai en tegelijkertijd een icoon aan de snelweg vormt. De grootste uitdaging ligt echter in de overgangszone tussen stad en land. Tot op heden worden daar de minst heldere keuzen gemaakt, terwijl juist daar – ook op landelijk niveau – de hoge dynamiek vraagt om nationale regie.

Dorpsbelang

Met deze bijdrage hoopt Dorpsbelang duidelijk te maken dat een goede ruimtelijke invulling nodig is langs onze rijkswegen. De A50 vormt inmiddels een belangrijke doorstroomroute voor Oost-Brabant en ook voor internationaal (vrachtwagen)verkeer. Het gaat er om de ruimtelijke ontwikkeling niet te stoppen, maar te leren van in het (recente) verleden gedane keuzes voor snelwegen. De A50 ligt er nu 7 jaar, de A2 is verbreed, de aansluiting A50/A58 bijna gereed en de A58 zal in de toekomst naar verwachting worden doorgetrokken richting Helmond. Al deze ontwikkelingen vergen een goede samenhang tussen economische vooruitgang en cultuurhistorische overwegingen binnen onze veranderende woon- en leefomgeving!

Reacties (0) >> feed
Geef uw reactie
quote
bold
italicize
underline
strike
url
image
quote
quote
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley
Smiley

busy
 
< Vorige   Volgende >
 
Top! Top!